Dag 30, Nagasaki
In de 16e eeuw leed er een Chinees schip schipbreuk en kwam terecht op Kyushu. Op zich niet zo bijzonder, ware het niet dat er twee Portugezen op het schip zaten. Dit was het eerste contact tussen Japan en Europa, en al gauw volgde er meer. De Portugezen bouwen een kleine handels post en begonnen, zoals ze overal deden, Japanners te bekeren tot het Christendom. Na de Portugezen volgden ook de Nederlanders en enkele andere Europese landen. Omdat al gauw enkele hoge leiders ook bekeerd werden, begon de Shogun van Japan het te zien als bedreiging. Om de Portugezen in de gaten te houden werd er in de baai van Nagasaki een kunstmatig eiland gebouwd, Dejima genaamd, waar ze niet vanaf mochten.
Begin 17e eeuw vond er een opstand plaats in Kyushu, en dit werd destijds toegeschreven aan de Christenen. De opstand werd verslagen, en de Shogun verbood vervolgens het Christendom in Japan. De Portugezen en alle andere buitenlanders werden verbannen, en er mocht geen contact met de buitenwereld meer zijn, behalve met de Chinezen, Koreanen en de Nederlanders (dit schijnt te komen omdat een van de raadgevers van de Shogun een Nederlander was). De Nederlanders hadden al een tijdje een VOC handelspost in Hirado, maar na enkele jaren werden ze gedwongen door de Shogun om naar het leeg staande Dejima te verhuizen. Ze moesten wel huur betalen voor het gebruik van de woningen en opslagruimtes van Dejima, en dit was ongeveer gelijk aan wat nu 1 miljoen dollar zou zijn. Maar de monopolie op de handel leverde uiteraard meer op.Vooral hoog kwaliteit zilver werd met bakken tegelijk geexporteerd. Dit zilver werd betaald met ruwe zijde, die weer uit een ander land in 'Oost-Indie' kwam. De VOC had een heel netwerk opgezet waarbij bepaalde goederen telkens van land naar land werd verhandeld, net waar de vraag naar was. Uiteindelijk leidde het tot katoen dat op de Molukken kon worden geruild tegen nootmuskaat, wat destijds echt goud waard was in Europa. De Molukken hebben we verkregen door het te ruilen tegen Nieuw-Amsterdam (aka New-York), overigens. De Shogun echter verbood ook de handel in zilver, omdat het toch wel wat te snel ging. Toen bood hij gouden munten aan, maar de Hollanders vonden die van te lage kwaliteit en accepteerden ze niet. Uiteindelijk werd er overgestapt op koper. Hiervan kon de VOC weer zelf munten slaan (dat recht hadden ze).
In de tijd dat de Nederlanders op Dejima woonden, mochten ze geen enkel contact hebben met de Japanners, behalve met kooplui en prostituees. En met het legertje tolken dat altijd aanwezig was. Via deze tolken, en later toen het verbod op buitenlandse boeken werd opgeheven, kwam er nog een klein beetje Westerse wetenschap en kunst Japan binnen. Nagasaki was dus het enige punt waardoor er kennis naar binnen en naar buiten kon. Hierdoor werd het uiteraard een stad die in heel Japan bekend stond om zijn kunst, wetenschap (vooral geneeskunde), en vreemde handels voorwerpen. Die buitenlandse kennis werd 'rangaku' genoemd, wat zoiets als 'hollandse studies' betekent.Grappig was ook dat het 'opperhoofd' van Dejima elk jaar, net zoals alle lokale heersers, een reis naar Edo (Tokyo) moest maken om de Shogun te ontmoeten. Dit moet een behoorlijk circus zijn geweest, een reis te voet met een paar vreemde buitenlanders naar de andere kant van het land. De Nederlanders zaten net zoals de Japanners in een soort kleine kastjes die gedragen werden door bedienden. Grappig detail was dat degenen waar de Hollanders in zaten te herkennen waren aan een klein uitbouwtje aan de voorkant, om ze meer beenruimte te geven.
Midden 19e eeuw liep Japan zo achter, dat de Amerikanen het einde van de afsluiting kwamen eisen. Vanaf dat moment was ook Dejima nutteloos geworden, en langzamerhand werd het opgenomen in de stad die steeds meer land van de baai opeisde en eromheen groeide. In de jaren 50 werd er echter besloten dat het eiland van zulk belang was geweest voor de ontwikkeling en de geschiedenis van Nagasaki, dat het gereconstrueerd moest worden. Over een periode van 40 jaar werd al het land opgekocht, en in de jaren 90 werd er daadwerkelijk begonnen met de sloop van de bestaande bebouwing, het archeologische onderzoek, en het herbouwen van de oude gebouwen.
In 2001 waren er 6 gebouwen klaar, en in Maart van dit jaar zijn er nog eens 5 geopend. Ze zijn prachtig gereconstrueerd, en geven een mooie kijk in het leven op Dejima. Grappig is dat de huizen van buiten Japans zijn, en van binnen ook standaard tatami matten en schuifwanden bevatten, maar dat er binnen overal Westers meubilair staat. Wel was alles destijds al op Europese lengte berekend, en dit was de eerste keer in Japan dat ik niet constant hoefde uit te kijken of ik mijn hoofd ging stoten of niet (dat gebeurt nog steeds dagelijks).Uiteindelijk willen ze Dejima precies herbouwen zoals het begin 19e eeuw eruit zag, inclusief water aan alle 4 kanten. Hiervoor hoeft alleen maar de snelweg, de tramlijn, een brug en een rivier worden verlegd. De snelweg en tramlijn liggen precies over twee hoekjes van het eiland, maar de rivier zou toch zeker meerdere meters versmald moeten worden. In het verleden is een deel van Dejima ook gesloopt om plaats te maken voor die rivier, maar omdat hij nu op de plaats ligt van de oude brug tussen Japan en Dejima, is het wel een belangrijke voorwaarde voor een goede reconstructie. Maar de Japanners kennende zal dit vast nog wel gaan lukken, ook gezien wat ze al bereikt hebben.
's Middags ben ik ook nog even langs het atoombom museum van Nagasaki geweest, maar veel hierover is bijna hetzelfde als in Hiroshima. Opnames van de ontploffing, gesmolten spullen, foto's van verkoolde lijken tussen smeulende ruines, ooggetuige verslagen, 'schaduwen' van mensen op muren, het blijft toch indrukwekkend, ook omdat het zo tastbaar is. Omdat dit museum veel rustiger was, en alles nog grafischer is weergegeven, hadden veel mensen ook behoorlijke moeite het droog te houden. Iedereen komt dan ook een beetje verdwaast weer naar buiten.

















































